Swimkap Kapelle-op-den-Bos

Op 21 juli verscheen H30 met een ruime delegatie aan de start van de Kapelle-op-den-bos  kwarttriatlon  (verder afgekort als KODB): het trio “H30 Wint ?” (Frederic, Tim en Wouter) stond klaar met steile ambities, de mannen individueel waren goed vertegenwoordigd (M24: Matthias & Matti, M40: Patrick, Gert en Fréderic en M50: Jan) en Caroline en Hanneke hielden de eer van de dames hoog.

Om 12u30 stonden we als eco-friendly club mooi klaar op de carpool parking aan de Nijvelsesteenweg (zie foto). Omwille van de drukke oogstperiode vertrok Gert later en de meesten van ons vreesden dan ook het ergste. Maar, wonder o wonder, Gert verscheen mooi op tijd in KAOD om zich in alle rust voor te bereiden voor de zwemstart.

Bij onze aankomst in KODB overviel ons op de piste aan de wisselzone een loden hitte. Met een watertemperatuur van 24,5 celsius was met wetsuit zwemmen eveneens verboden. Aangezien er bovendien nog een stevige wind stond was het reeds duidelijk dat de drie triatlonproeven elk een serieuze uitdaging zouden worden.

Voor de zwemstart gingen de H30 mannen nog even op de foto, terwijl de vrouwen reeds richting zwemstart opschoven. Toen ik de gele zwemmutsje richting zwemstart zag bewegen, maakte ik de bedenking: toch een mooie sport, triatlon … Tien minuten later schoten de mannen (figuurlijk dan) uit de startblokken …

Voor ik dieper ingaan op mijn eigen (eerste) kwarttriatlon eerst een overzichtje van de teamresultaten. Ons trio was terecht ambitieus, want ze haalden het tweede schavotje op het podium in een knappe tijd van 2u 8min, op 2 min van het eerste team. Onder de mannen M24 streden Matthias en Matti een verbeten “G versus Froom “ H30 strijd: tijdens het loopgedeelte deden ze nog onderling een haasje overdeden met Matthias die uiteindelijk het pleit won dankzij een sterke laatste ronde.

Patrick kon bij de M40 veteranen een 25ste veilig stellen dankzij een sterke fietsprestatie. Gert finishte als 34st bij de M40 net onder de 3 uur, want onder deze omstandigheden niet evident was. Fréderic legde alleen het zwem en fietsparcours af, omdat een kwetsuur hem verhinderde te lopen.  Caroline finnishte als 8ste seniore, hoewel ze tijdens het lopen werd afgeremd door een blessure. Hanneke eindigde dankzij sterke zwem- en fietsprestaties en ondanks beperkte training mooi als 14de seniore.

Traditiegetrouw werd het zweet en de dorst met een verfrissende douche en ettelijke pintjes (“cornet” is precies erg populair de laatste tijd) doorgespoeld (zie foto’s).

Nu wat meer tekst over mijn eigen triatlon …

De dag voor de triatlon las ik op  www.scientific triatlon.com hoe je een race plan best opstelt.  Het eerste wat je nodig hebt (best reeds acht weken voor de wedstrijd) is een wedstrijddoel. Voor mij was mijn hoofddoel duidelijk; 1500 m in crawl afleggen (op training nog nooit verder geraakt dan 400 m zonder wetsuit). Waarom ik juist een eerste kwart met maximale zwemafstand  en zonder stayeren tijdens het fietsen had uitgekozen kon ik daarom moeilijk uitleggen aan mijn vrouw … Begin juli was ik samen met de boeren trouwens ook één van de enige belgen die uitkeken naar “belgisch” weer, zodat we met wetsuit zouden mogen zwemmen. Helaas …

Tijdens het zwemmen vond ik snel een ritme waarbij ik mij comfortabel voelde. Ik ondervond wel dat rechtdoor zwemmen in open water niet zo eenvoudig is: ik ben waarschijnlijk de enige die in de bramen ben terchtgekomen omdat ik opeens te dicht tegen de oever aan het zwemmen was. Terwijl het eerste zwemgedeelte richting brug meeviel, was het tweede deel richting finnish een serieuze uitdaging. Door de stevige tegenwind was er een ferme golfslag en een stroming die ons afremde. Wel he, vooral mij denk ik, want opeens zag ik dat er niet veel zwemmers meer in mijn buurt waren. Dit werd bevestigd toen ik uit het water klom en ik de speaker hoorde zeggen: nog drie heren in het water. Toen dacht ik, triatlon is toch niet zo”n mooie sport als ik had gedacht …

Het voordeel van een rustige zwemstart is dat je in het fietspark gemakkelijk je fiets vind. De T1 wissel verliep dan ook vlot. Tijdens het fietsen vond ik snel mijn ritme en kon ik mijn verhoopt tempo van 30 km/h tegen wind en af en toe 35 km/h wind mee tijdens de twee fietsronden volhouden. Het fietsgedeelte was echter vooral een éénzame strijd, omdat ik behalve enkele toppers (heren en dames) die mij voorbijzoefden nauwelijkse andere atleten in het vizier kreeg. Ik nam de tijd tijd om regelmatig te drinken en gellekes binnen te spelen en voelde mij nog relatief fris om de loopproef, mijn betere discipline, aan te vatten.

Ik slaagde tijdens de vier looprondes in om onder mijn streeftempo van 4 min 30 de km te blijven. De wedstrijd werd nu ook plezant omdat ik nu continu andere lopers (die wel vaak reeds een of twee ronde(s) voorsprong hadden) kon voorbijlopen. Ik mocht o.a. goeiendag zeggen aan Caroline, Hanneke, Gert en Patrick. Elke ronde kreeg ik bovendien aan de wisselzone meer aanmoedigen van reeds aangekomen H30ers. Na een laatste snelle loopronde en een verloren prestigesprint beeindigde ik mijn eerste kwart op plaats 137 van de 172 aankomsten en 17de in de leeftijdscategorie M50. Alles bij mekaar kan ik terugkijken op een 1ste geslaagde triatlon. Ik kijk al uit naar volgend jaar, om nog beter te doen. In het zwemmen is er nog ruimte voor progressie en in mijn leeftijdscategorie moet dit ook zeker lukken: dankzij een extra jaartje kom ik uit in de categorie M60 (dit jaar drie aankomsten in deze categorie) J